Dit was de eerste echte dag in Zweden. Ee moesten verzamelen voor de school. Hier kwam een bus ons halen waarmee we naar Nimis gingen. Toen we daar aankwamen moesten we eerst nog een eindje lopen door het bos/heuvels. Het was een best zware wandeling. Vooral voor mensen met hoogtevrees. Er waren veel steile hellingen en er was niet een heel duidelijk pad. We wisten niet precies waar we heen moesten. Het enige wat we wisten was dat waar naar een dorpje moesten gemaakt van aangespoeld hout.
Toen we daar aankwamen had niemand verwacht dat het zo groot zou zijn. Het is een enorme, houten, in elkaar geknutselde hut die bestaat uit een aantal houten torens die over het algemeen gemaakt zijn van drijfhout. Deze torens zijn allemaal met elkaar verbonden door middel van bovengrondse tunnels die ook gemaakt zijn van drijfhout. Iedereen vermaakte zich met klimmen in de torens en de dames(uiteraard) waren aan het zonnen op de enorme stenen langs de zee.
We kregen als lunch half bevroren hamburgers die we moesten laten ontdooien in de zon. Wanneer ze waren ontdooid smaakten ze toch wel goed ondanks dat iedereen er niks van wilde hebben omdat ze bevroren waren. Na de lunch moesten we diezelfde heuvels weer oplopen wat een stuk zwaarder was dan naar beneden. Iedereen was uitgeput van de wandeling naar de bus toe, maar de meesten vonden het erg interressant om het te hebben gezien.
Toen we terug kwamen bij de school hadden we nog wat tijd om rond te lopen door de stad en te winkelen. ´s Avonds ging iedereen vroeg naar huis toe omdat iedereen moe was van het uitje.