Beide afdelingen werken volgens het model “Revival Technisch Onderwijs”, wat staat voor een bedrijfsmatige aanpak van het onderwijs.
Het RTO-model heeft als basis het moderne bedrijfsproces. De werknemers in een bedrijf werken samen en kennen elkaars rollen en functies. De rollen en functies in een bedrijf:
Uitvoeren
Ontwikkelen
Beleid bepalen
Ondernemen
Het bedrijfsproces kent de volgende fasen:
Specificeren (klantfase)
Ontwerpen
Productie voorbereiden
Productie
Gebruik
In het onderwijs wordt geprobeerd alle aspecten van het bedrijf aan de orde te laten komen. Dit wordt gekoppeld aan de volgende didactische uitgangspunten
Onderwijs wordt gestuurd door een “vraag van een klant”.
Opdrachten zijn betekenisvol en levensecht.
Leerlingen werken meestal samen
Opdrachten kunnen ook buitenschools plaatsvinden
Toetsing op basis van de ontwikkeling van competenties
De leerling houdt een Logboek bij van het leer-/werkproces
Er is samenhang tussen de vaktheorie en werken in de praktijk
Er is samenhang en afstemming tussen de AVO-vakken en het Beroepsgerichte programma
Ouders worden betrokken bij het leerproces
Het onderwijs is als volgt georganiseerd: groepjes van 3 à 4 leerlingen maken:
Een technisch breed product
Op bestelling van een klant
Volgens de fasen van het bedrijfsproces
Aangestuurd door de beroepspraktijkdocenten met ondersteuning van een tutor
In periodes van 7 weken (prestaties)
En een presentatie die beoordeeld wordt door een jury, waarbij ouders zijn uitgenodigd
In de bovenbouw (klas 3 en 4) worden 9 prestaties geleverd, waarbij de negende prestatie in een bedrijf plaatsvindt (stage).